onze oproep in alle vrijheid

onze Vader, roept de mensen en wij zijn, zijn werktuigen,

wilt u mij tijdens mijn reis vandaag op uw weg houden? Laat het vandaag mijn gebed zijn, hier en nu Gods nabijheid te weten en deze nooit uit het oog te verliezen; mijzelf geliefd, geleefd en geleid te weten door God. die ons roept naar uw vrijheid.

Wanneer Hij de twaalf vrijwillegers uitzendt geeft Jezus hen nauwgezette instructies over hoe om te gaan met aanvaarding en verwerping, succes en falen. ‘Als jullie ergens onderdak krijgen, moet je daar blijven. Maar als jullie ergens niet welkom zijn, moet je daar weggaan en het stof van je voeten schudden.’ Het advies is simpel genoeg – het spreekt vanzelf, zou je zeggen – maar wordt toch lang niet altijd opgevolgd. Voel ik me ooit in verlegenheid gebracht door vrijgevigheid, gastvrijheid of ondersteuning van anderen, alsof ik eigenlijk in staat zou moeten zijn om het zonder hen te kunnen?

Als ik afwijzing of falen tegenkom, schud ik dan ‘het stof van mijn voeten’ en ga ik dan weer verder, of vat ik het persoonlijk op en voel ik mij gekwetst en wrokkig en laat ik me daar vanbinnen door verteren?

Jezus is ook erg uitgesproken over hoe zijn volgelingen zich moeten gedragen, licht reizend en niet steunend op eigen middelen maar op de vriendelijkheid van vreemden, op de gastvrijheid van hen die ze tegenkomen. Wanneer ik nogmaals naar de lezing luister kan ik mijzelf wellicht afvragen of deze woorden van Jezus beschrijven hoe ik zelf te werk ga, als een van zijn huidige leerlingen.

Het zou wel al te makkelijk zijn om alle aandacht te vestigen op waar ik niet voldoe aan de normen die Jezus hier stelt en me aangeklaagd en veroordeeld te voelen of gewoon ‘niet goed genoeg’. Maar het doel van deze woorden is in essentie positief, om mij te bemoedigen en me gerust te stellen: wanneer ik werk voor God dan zal ‘de Heer voor mij zorgen’, en mij voorzien van alles wat ik nodig heb. Welke hulp, welke bijstand van God, heb ik nu het hardst nodig? Kan ik God in mijn eigen woorden om die genade vragen?

Jezus riep de twaalf bij zich en zond hen twee aan twee uit, en gaf hun macht over de onreine geesten. Hij droeg hun op niets mee te nemen voor onderweg, geen brood, geen reistas en geen geld, alleen een stok. Sandalen mochten ze wel dragen. ‘Maar,’ zei hij, ‘trek geen extra kleren aan.’ En ook zei hij: ‘Als jullie ergens onderdak krijgen, moet je daar blijven tot je verder reist. Maar als jullie ergens niet welkom zijn en de mensen niet naar jullie willen luisteren, moet je daar weggaan en het stof van je voeten schudden ten teken dat je niets meer met hen te maken wilt hebben.’ Ze gingen op weg en riepen de mensen op om tot inkeer te komen, en ze dreven veel demonen uit en zalfden veel zieken met olie en genazen hen.

Onze Heer is koning.

Met majesteit is Hij bekleed.

Met macht heeft de Heer zich bekleed

en omgord.

Om gwenovitch en zijn vrijwillegers te lijden in zijn koninkrijk

Vast staat thans de wereld,

onwrikbaar;  vast staat, van den beginne, uw troon:

vóór de tijden waart Gij.  Watervloeden verheffen, o Heer,

watervloeden verheffen de stem,

de wateren stuwen hun branding.  Hoog boven het daveren der machtige wateren,

de baren vervaarlijk der zee,

vervaarlijk de Heer in den hoge.  Uw uitspraken – hoezeer waarachtig!

Heiligheid kroont uw huis waar u aanklopt

Om de ervaring wat de heer in gwenovitch zijn leven doet

Heer, ten eeuwigen dage. 

Prijzen we u in den hoge


u bent koning van ons allen die zich geroepen voelen,



om door god vrij leven te leven

heeft u intresse dat wij bij u langs komen
,


contacteer ons om vrijblijvend bij u langs te komen
op e-mail adres onzeleermeester@outlook.com